Coalitieakkkoord gemeente West Maas en Waal 2026-2030

1 Management samenvatting

Hoofdstuk 3 vertaalt de gezamenlijke koers van de coalitie naar zeven duidelijke speerpunten voor West Maas en Waal. De kern is een gemeente die dichtbij inwoners staat, investeert in sociale samenhang, stuurt op evenwichtige woningbouw en ruimte biedt aan ondernemers en verenigingen. Tegelijkertijd zet de coalitie in op leefbare en groene dorpen, betere bereikbaarheid en veiligheid, en een duurzame, toekomstgerichte ontwikkeling. Daarmee vormt hoofdstuk 3 het inhoudelijke hart van het coalitieakkoord: richtinggevend voor beleid, uitvoering en samenwerking in de komende bestuursperiode.

  • Een inwonervriendelijke en gastvrije gemeente met toegankelijke dienstverlening, begrijpelijke communicatie en meer zichtbaarheid in de dorpen.
  • Een vitale samenleving waarin sociale samenhang, preventie, vrijwilligerswerk en ondersteuning van jeugd en senioren centraal staan.
  • Woningbouw die in balans is met de lokale behoefte, met speciale aandacht voor staters, senioren en de leefbaarheid van dorpen.
  • Een bloeiende lokale economie met ruimte voor ondernemers, agrariërs, recreatie en sterkere samenwerking met regionale partners.
  • Een prettige leefomgeving met groene, gezonde en herkenbare dorpen, ondersteund door sterke verenigingen en actuele dorpsvisies.
  • Een bereikbare en veilige gemeente met aandacht voor verkeersveiligheid, sociale veiligheid en een goed dekkend AED-netwerk.
  • Een duurzame en toekomstgerichte gemeente die inwoners actief ondersteunt bij energietransitie, duurzame mobiliteit en circulaire initiatieven.

2 Inleiding

Het coalitieakkoord voor West Maas en Waal 2026-2030 is gesloten tussen onze twee politieke partijen FD West Maas en Waal en CDA West Maas en Waal. Het bouwt verder op de bestaande samenwerking die sinds 2022 bestaat. Het akkoord is ambitieus en geeft daarmee invulling aan het grote mandaat dat we op 18 maart 2026 van onze kiezers hebben gekregen. Het is weliswaar een akkoord tussen twee politieke partijen, maar het sluit andere politieke partijen niet uit. Integendeel, er is meer dan voldoende basis om ook aan de ambities van onze oppositie invulling te geven. Wij kijken dan ook uit naar een constructieve samenwerking met hen.

Samen

‘Samen!’ is de naam die we aan dit akkoord hebben gegeven. Wij geloven dat de kracht van onze gemeente niet schuilt in regels of in stenen, maar in de verbinding tussen mensen. Verbindingen met en tussen mensen die in de gemeente wonen, werken, verblijven, en ook de mensen die namens de samenleving onze gemeente besturen en draaiende houden. West Maas en Waal is op haar best als we allemaal de handen ineenslaan om prettig samen te wonen, te werken en te leven.
De wereld individualiseert en dat merken we ook in onze lokale samenleving. Hoewel West Maas en Waal vergeleken met grotere gemeenten nog steeds een sterke sociale samenhang vertoont, is ook hier merkbaar dat inwoners steeds minder samen en steeds meer zelfstandig hun dingen doen. Als politieke partijen zien we een risico voor de toekomst als de gemeenschapszin afneemt. In de toekomst zal men elkaar immers steeds meer nodig hebben nu de verzorgingsstaat steeds verder afbrokkelt. Ook tonen onderzoeken aan dat individualisering het geluksgevoel bij mensen doet afnemen, waardoor zij sneller ziek worden en zelfs korter leven.

‘Samen!’ is voor ons geen vrijblijvende kreet, maar het fundament onder een gemeente die levendig en robuust is en die klaar is voor de onzekere toekomst.

  • Inwoners: wij luisteren en nodigen ook uit tot initiatief. De wijsheid van de straat en de kracht van de buurt zijn onmisbaar.
  • Bedrijfsleven: onze ondernemers zijn de motor van de lokale economie. Door samen op te trekken, creëren we ruimte voor innovatie en werkgelegenheid.
  • Verenigingsleven en instellingen: zij vormen het cement van onze dorpen. Wij ondersteunen initiatieven die zorgen dat we samen kunnen bewegen, beleven en meemaken.

Door ‘Samen!’ wordt West Maas en Waal ook leuker en sterker. We kiezen voor een koers waarin we uitdagingen - van woningbouw tot de energietransitie - niet van bovenaf opleggen, maar van onderuit vormgeven. Samen maken we een gemeenschap waar het niet alleen prettig wonen is, maar waar iedereen zich eigenaar voelt van de gezamenlijke toekomst.

Een sterke gemeente begint bij een overheid die de eigen zaken op orde heeft. ‘Samen!’ betekent voor ons ook een hernieuwde focus op de interne driehoek die onze democratie draaiende houdt:

  1. Gemeenteraad en college: een relatie gebaseerd op vertrouwen, transparantie en een gezamenlijke visie voor onze dorpskernen.
  2. College en ambtenaren: een nauwe samenwerking waarbij politieke ambitie en ambtelijk vakmanschap elkaar versterken.
  3. Gemeenteraad en ambtenaren: korte lijnen en heldere informatievoorziening, zodat we slagvaardig kunnen besluiten.

Binnen onze gemeente

Onze gemeente is financieel stabiel. Haar begroting is op orde en biedt ruimte om te investeren. De kleine ambtelijke organisatie zorgt ervoor dat de lijnen kort zijn, medewerkers elkaar gemakkelijk vinden en dat zij bereid zijn elkaar te helpen. Ook op technisch vlak staan we er goed voor. De ICT-voorzieningen zijn modern en bij de tijd. Omdat de organisatie geen logge olietanker is, beschikt de gemeente over een grote mate van wendbaarheid.

Tegenover die kracht staat een zekere kwetsbaarheid. Door haar geringe omvang is de gemeente gevoelig voor uitval. De inhuur van externen zorgt ervoor dat cruciale ervaringskennis extern wordt opgedaan en verdwijnt met hun vertrek. Ook is onze gemeente onvoldoende ‘in control’ over haar informatiehuishouding. Er wordt onvoldoende systematisch vastgelegd, waardoor de gemeente onvoldoende weet wat zij wel en niet weet. Feitenkennis gaat verloren en aanwezige feitenkennis blijft onbenut.

Buiten onze gemeente

De wereld om ons heen verandert snel, wat zowel uitdagingen als mogelijkheden schept voor onze dienstverlening. Nationale en zelfs internationale ontwikkelingen hebben invloed op onze gemeente en ook op onze lokale gemeenschap. Ook is de gemeentelijke invloed op haar bestuurlijke partners momenteel te beperkt. Daardoor blijft de slagkracht van onze gemeente in de regio achter.

Regeldruk is in toenemende mate een grote ergernis. “Niets mag en wat wel mag is verplicht!” was de kernachtige verwoording van Youp van ’t Hek over de bureaucratisering van de maatschappij. Het beheersen van risico’s is belangrijk tot het moment dat niemand meer iets durft te doen. Onze gemeente moet ervoor zorgen dat spontaniteit nog gewoon de ruimte krijgt.

(West) Maas en Walers hebben een unieke cultuur en mentaliteit. Van oudsher heeft onze bevolking geleerd eigen verantwoordelijkheid te nemen en voor zichzelf te zorgen. Onze inwoners zijn nuchter en zelfredzaam. 
Er komen wel grote uitdagingen op onze gemeente en gemeenschap af. Op maatschappelijk vlak zien we een toenemende individualisering en de negatieve keerzijde van sociale media. Er ontstaan onder alle leeftijdsgroepen steeds meer gevoelens van onzekerheid en eenzaamheid. Objectieve informatie staat onder druk door niet van echt te onderscheiden ‘nepnieuws’, mede door de sterke opkomst van AI. De vergrijzing zorgt voor een groeiende zorgvraag en een krimpend arbeidsaanbod. Ook de nationale overheid heeft te maken met grote onzekerheden. Dat druppelt door naar lokale overheden, die dat terugzien in lastig voorspelbare financiën.

De weg voorwaarts

Gegeven de genoemde kenmerken en de wensen van onze inwoners, zetten we als coalitiepartners koers naar een vitaal West Maas en Waal. Hiervoor hebben we zeven speerpunten vastgesteld. Deze speerpunten hebben effecten die de grenzen van de individuele bestuurlijke programma’s overschrijden. Daarom zijn de effecten van deze speerpunten vertaald naar de concrete programma’s in dit coalitieakkoord.

3 Onze Zeven Speerpunten

De zeven speerpunten zijn de grote gemene deler van onze beide verkiezingscampagnes. Ze vormen ook de geest achter dit coalitieakkoord: een kader waarmee wij aangeven wat we, waarom, van ons college voor de komende raadsperiode politiek verwachten. Het coalitieakkoord spreekt zich concreet uit, maar laat zeker ruimte aan ons college om er de best mogelijke invulling aan te geven in het collegeprogramma. Natuurlijk zolang het doel - het waarom - maar helder blijft.

We willen:

  1. Inwonervriendelijk en gastvrij zijn.
  2. Verder bouwen aan een vitale samenleving.
  3. Woningbouw in balans en die past bij de lokale behoefte.
  4. Een bloeiende lokale economie.
  5. Een fijne omgeving om in te leven; gezonde dorpen en sterk verenigingsleven.
  6. Bereikbaar en veilig zijn.
  7. Duurzaam en toekomstgericht zijn.

3.1 Inwonervriendelijk en gastvrij

We willen onze gemeente nog inwonervriendelijker en gastvrijer maken. Een gemeente waar inwoners en gasten zich altijd welkom, gehoord en gerespecteerd voelen. Een gemeente die laat zien dat ze dienend is voor haar inwoners, en die ook een stuk eigen verantwoordelijkheid van die inwoners verwacht. Kortom: een gemeente die tussen haar inwoners staat.

Wat we willen:

  • Ons college en de gemeenteraad vergaderen niet alleen maar aan de Dijkstraat, maar laten zich ook zien in de dorpen.
  • We volgen sociale media om ongenoegens of klachten over onze gemeente te signaleren. Vanuit onze gemeente zullen de mensen met deze ongenoegens benaderd worden voor een gesprek. Bij terechte punten zal worden gewerkt aan een oplossing en worden excuses gemaakt.
  • ‘De inwoner centraal’ betekent dat inwoners bij onze gemeente het voordeel van de twijfel krijgen. Onze gemeente zal dat altijd duidelijk communiceren.
  • Gemeentelijke dienstverlening:
    • Het KCC op ons gemeentehuis wordt omgedoopt tot “Inwoner Service Centrum”. Inwoners kunnen er ook zonder afspraak terecht, waarbij mensen met een afspraak voorrang hebben. 
    • We gaan onderzoeken of we de bestaande openingstijden kunnen verruimen en of er meer zaken digitaal kunnen worden afgehandeld via de gemeentelijke website. Dit geldt ook, zowel fysiek als digitaal, voor VraagWijzer. 
    • Via alle (digitale) kanalen zal worden gewerkt aan het helpen bij het formuleren van vragen. Veel mensen zijn niet in staat om hun vragen goed te stellen. Onze gemeente gaat daarbij helpen.
    • In de communicatie met inwoners zal qua taalgebruik worden gecommuniceerd op niveau B1. De meeste mensen begrijpen dit. Daarnaast wordt in de communicatie ook het belang van het inhoudelijke bericht duidelijk gemaakt, zodat lezers weten waarom dit aan hen wordt verteld.
    • Communicatie via de BouwApp en de BuitenBeter-app zal meer gemeengoed worden binnen onze gemeenschap. Deze apps lijken zeer effectief en laagdrempelig. Het gebruik van deze apps door onze gemeente, en bij ruimtelijke projecten die binnen onze gemeente actief zijn, zal daarom verder worden gepromoot.
  • Door onze centrale ligging, ons landelijke gebied, onze goede voorzieningen en onze cultuur is West Maas en Waal een aantrekkelijke plaats geworden om te wonen en te verblijven. Het leven is hier ruim, veilig, schoon en mooi, en veel is er binnen handbereik. Het heeft velen hierheen getrokken, onder wie mensen met een andere achtergrond en mentaliteit. We willen dat onze gemeente deze mensen gastvrij ontvangt en ze helpt om hun plek in onze samenleving te vinden. Dit geldt zowel voor mensen die zich hier gevestigd hebben als de mensen die hier te gast zijn.
     

3.2 Verder bouwen aan een vitale samenleving 

Onze gemeente staat de komende jaren voor grote opgaven. Opgaven zoals klimaatverandering, de energietransitie, biodiversiteit, (digitale) veiligheid en energieafhankelijkheid. Ook is het welzijn van onze jeugd en ouderen een belangrijk aandachtspunt. Om deze uitdagingen het hoofd bieden, is een goed fundament nodig. Dit fundament ligt in de sterke sociale samenhang binnen onze lokale gemeenschap. Gelukkig kunnen we voortbouwen op een bestaande, sterke basis. Onze inwoners staan bekend om hun nuchtere aanpakkersmentaliteit. Ook heerst er een hechte gemeenschapszin in de dorpen, zijn onze mensen positief en tonen ze een grote betrokkenheid bij het lokale verenigingsleven. Dit is met recht iets om trots op te zijn. 

Wij streven naar een gemeente die voortdurend in gesprek is met de samenleving over de (ervaren) fysieke veiligheid, maar beschikt over voldoende bewegingsvrijheid om snel en op maat in te kunnen grijpen.

In een vitale samenleving zorgen mensen voor elkaar. Zorgen voor elkaar gaat niet alleen over geven, maar ook over wederkerigheid. We kijken naar wat iemand wél kan: iemand die fysiek minder mobiel is, kan bijvoorbeeld wel een luisterend oor bieden, administratieve steun geven of een oogje in het zeil houden in de straat. Iedereen behoudt een rol en een waarde binnen het collectief.

Gemeenten in Nederland spelen een centrale rol in het welzijn van kinderen en de gezinnen waarin zij opgroeien. Inzetten op preventie voorkomt dat problemen zich voordoen. Juiste behandeling zorgt voor passende hulp als er toch iets misgaat. Voor senioren geldt hetzelfde, hoewel de groepen natuurlijk niet vergelijkbaar zijn. 

Een solide sociale basis, bestaande uit inwoners, netwerken en basisvoorzieningen, is essentieel voor een inclusieve en vitale samenleving. Deze basis heeft een belangrijke preventieve functie om de kans te verkleinen dat mensen moeten doorstromen naar (duurdere) zorgvoorzieningen. Hoewel gemeenten primair verantwoordelijk zijn, dragen ook burgerinitiatieven, woningcorporaties en het bedrijfsleven hieraan bij. Extra ondersteuning blijft hard nodig voor kwetsbare groepen voor wie de huidige, complexe samenleving te veel vraagt. Het onderstaande plaatje illustreert de sociale basis.

Zelfredzaamheid en hulp uit de omgeving - Verenigingsleven, mantelzorgers en sociaal werk - Wijkteam, POH, VraagWijver - Specialistische hulp
De "Gemeentelijke zorgketen" van Sociaal Werk Nederland

3.3 Woningbouw in balans en passend bij de lokale behoefte

Er is een groot woningtekort in Nederland. Dat betekent dat er de komende jaren nog flink gebouwd zal gaan worden om iedereen een dak boven het hoofd te bieden. Ook onze gemeente heeft daar een verantwoordelijkheid in. Woningbouw is veel meer dan eenvoudigweg stenen stapelen. Het is een complexe opgave om de juiste woningen op de juiste plek te krijgen.

West Maas en Waal is bijzonder vanwege het relatief grote aantal koopwoningen, de gemiddelde grootte van die woningen en het grote aandeel eengezinswoningen. Hoe de woningvoorraad in onze gemeente zich verhoudt tot bijvoorbeeld Druten of heel Nederland wordt in de onderstaande cijfers aangegeven:

Woningvoorraad
  

West Maas en Waal

Druten

Nederland

Aantal woningen 

8.896

8.752

Naar eigendomKoopwoningen

6.396

71,9%

5.741

65,6%

57,1%

 Corporatieverhuur

1.761

19,8%

1.952

22,3%

28,3%

 Overige huur

738

8,3%

1.059

12,1%

14,5%

Naar woningtypenEengezins

7.597

85,4%

7.080

80,9%

61,8%

 Meergezins

1.299

14,6%

1.672

19,1%

38,2%

Naar ouderdomVoor 1945

1.566

17,6%

875

10%

18,1%

 1945-1970

2.055

23,1%

1.435

16,4%

22,6%

 1971-1990

2.215

24,9%

3.501

40,0%

28,7%

 1991-2000

996

11,2%

1.269

14,5%

11,1%

 2001-2010

578

6,5%

1.024

11,7%

8,9%

 Vanaf 2011

1.005

11,3%

840

9,6%

7,2%

Gemiddeld bouwjaar 

1973

1980

1971

Gemiddelde oppervlakte 

162 m²

141 m²

120 m² 

Gemiddelde WOZ-waarde 

435.000 euro

393.000 euro

398.000 euro

Deze cijfers zijn overgenomen uit waarstaatjegemeente.nl en hebben betrekking op 2025. Ze geven wat perspectief bij wat wij als politieke partijen met West Maas en Waal willen.

De woningbouwontwikkeling binnen onze gemeente komt in belangrijke mate tot stand door aanbod vanuit de markt. De gemeente beschikt zelf nauwelijks over grondposities en is dus voor nieuwbouwplannen in hoge mate afhankelijk van marktinitiatieven. De afgelopen jaren is gebleken dat deze dynamische markt bijsturing vraagt om ontwikkelingen in de gewenste richting te kunnen sturen. Een hand, die zorgt voor balans, moet de woningbouwontwikkeling sturen naar:

  • Een evenwichtigere verdeling over de verschillende dorpen, passend bij het absorptievermogen voor nieuwe woningen van ieder afzonderlijk dorp.
  • Het evenredig meegroeien van fysieke en maatschappelijke voorzieningen. De bouw van meer woningen leidt immers tot een groeiend inwoneraantal en daarmee tot meer verkeer, energieverbruik, afvalproductie, watergebruik, een grotere en meer leerlingen. Om deze groei in goede banen te leiden, neemt onze gemeente deels zelf de verantwoordelijkheid en stimuleert, verleidt of faciliteert zij waar nodig andere voorzieningen-leveranciers om de balans te bewaken. 

Wat we willen:

  1. Groeien in aantallen woningen om maatschappelijke voorzieningen te behouden of uit te breiden. Dit geldt voor al onze acht dorpen. We willen woningen bouwen naar het draagvermogen van de dorpen en die passen bij de behoeften van onze eigen samenleving. 
    1. Voor senioren is er vooral behoefte aan levensloopbestendige woningen, nultredenwoningen, geclusterde woonvormen en mantelzorg (zorg-voor-elkaar) woningen. De nadruk hier ligt op woningen voor onze eigen inwoners.
    2. Voor starters en een- en tweepersoonshuishoudens bestaat er behoefte aan compacte woningen met één of twee slaapkamers en een klein perceel, zowel in de koop- als in de huursector. Daarnaast is er in de dorpskernen onder jonge starters en singles een duidelijke vraag naar compacte huur- en koopappartementen. 
  2. We willen toekomstgericht bouwen, waarbij klimaatverandering en energietransitie de uitgangspunten vormen. Ook de buitenruimte rondom de huizen willen we, waar dat kan, verder vergroenen met ruimte voor ontmoeting, voetgangers en mogelijk ook fietsers. Dat geeft rust en is goed voor de gezondheid en het welzijn, zorgt voor een natuurlijk waterbeheer en draagt bij aan de biodiversiteit en luchtkwaliteit.
  3. Bij woningbouw en woningaanpassing is meer afstemming nodig tussen de afdelingen Ruimte en Samenleving. Voor het leveren van goede thuiszorg zijn soms (urgente) woningaanpassingen nodig, mogelijk ook vergunningsplichtige. Bestaande en toekomstige zorg zal meegewogen moeten worden in het behandelen van omgevingsvergunningen voor nieuwbouw of verbouw. Dit betekent dat we in voorkomende gevallen extra urgente behandeling willen geven en dat bouwregels soepel worden geïnterpreteerd. Indien nodig ontwikkelen we hiervoor specifieke beleidsregels.
  4. Meer woningen betekent een uitbreiding van de gemeenschap en dus ook een uitbreiding van de bijbehorende voorzieningen. Dit zijn infrastructuren zoals water en stroom, wegen, riolering en openbaar groen. Daarbij moeten maatschappelijke voorzieningen naar rato meegroeien. Het aantal zorgvoorzieningen zoals huisartsen, tandartsen, apotheken en therapeuten moet in balans blijven met het inwoneraantal en bij voorkeur dicht in de buurt beschikbaar zijn.
  5. We willen dat er wordt gezocht naar samenhang of verbinding tussen nabijgelegen (losstaande) projecten en ontwikkelingen. Bijvoorbeeld zoals in Beneden-Leeuwen de ontwikkelingen Hey-Acker, de Peel en het oude politiebureau (Ons Huukske). Het gaat hier met name over het realiseren van een natuurlijke verbinding van deze projecten. Zo worden wonen en leuke en sportieve bezigheden samengebracht in een door groen verbonden buurt. 
    De dorpspaspoorten, die als onderdeel van het Dorpskwaliteitsplan zo’n 10 jaar geleden zijn gepubliceerd, moeten geactualiseerd worden. In de nieuwe Dorpspaspoorten moet ook aandacht komen voor de culturele en maatschappelijke kenmerken van buurten en dorpen.

3.4 Bloeiende lokale economie

Het lokale bedrijfsleven is van groot belang voor onze samenleving. De agrarische sector en het toerisme zijn al sinds jaar en dag belangrijke pijlers van onze lokale economie, maar ook detailhandel, groothandel, dienstverlening en ambachtelijke bedrijven zorgen voor inkomen, zingeving en lokale binding. Een belangrijke ontwikkeling is de opkomst en groei van het aantal zzp’ers, mensen die gepassioneerd op hun eigen wijze met hun vak of beroep willen bezig zijn. Ook zien we de trend van schaalvergroting. Traditionele familiebedrijven worden opgeslokt door grotere ondernemingen. Met deze ontwikkelingen zien we schaalvergroting en schaalverkleining tegelijkertijd. 

De verhouding tussen het aantal banen en het aantal woningen in West Maas en Waal bedraagt 46,3%, wat neerkomt op ruim 4.100 banen. Landelijk ligt dit aandeel op 54,5%. Om het landelijke gemiddelde te benaderen, zou de werkgelegenheid in West Maas en Waal met ongeveer 750 banen moeten toenemen. Het versterken van het midden- en kleinbedrijf en de zzp-sector biedt de meest kansrijke strategie om de lokale werkgelegenheid verder te vergroten. 

Bij veel zzp’ers en ondernemers in het mkb leven ongenoegens over het gemeentelijk beleid van onze gemeente met betrekking tot:

  • vergunningverlening en handhaving, 
  • hoge lokale heffingen en leges,
  • verschillen met buurgemeenten (m.n. Druten) en
  • onvoldoende getoonde betrokkenheid.

Voor onze gemeente hebben we ‘Samen!’ als visie. Dit staat voor samenwerking tussen ondernemers onderling, tussen ondernemers en de gemeente, en tussen de gemeente en andere overheden en instanties.

Er zijn kansen voor intensievere samenwerking met Druten in diverse sectoren en met de Regio Rivierenland, met name op het gebied van toerisme en recreatie. De gemeente zal hierin een proactieve rol moeten vervullen.

Wat we willen:

  • We optimaliseren het lokale ondernemersklimaat door bovenwettelijke regels tot een minimum te beperken, ondernemers te ondersteunen bij vergunningsaanvragen en samen te zoeken naar oplossingen. Via goed accountmanagement kan de gemeente voortdurend in contact blijven met haar individuele ondernemers. Denk daarbij met name aan persoonlijke gesprekken en bedrijfsbezoeken.
  • We organiseren samen met de verschillende ondernemersorganisaties en business clubs netwerkevenementen waar nuttige informatie verkrijgen en ontspannend kennis maken en netwerken hand in hand gaan. Ook kunnen dergelijke ontmoetingen worden gebruikt om relevante informatie over gemeentelijke ideeën en plannen met de ondernemers te delen. Hier zou ook samenwerking met Druten gezocht kunnen worden.
  • Intensiever samenwerken met het Economic Board FruitDelta Rivierenland om op die manier te komen tot nauwere samenwerking tussen overheden, onderwijs en ondernemers. Op deze manier kunnen kennis en kunde worden uitgewisseld en wordt innovatie gestimuleerd. Hier zijn met name kansen voor de sectoren Landbouw (fruitteelt) en Toerisme. Voor de overige sectoren kan samenwerking gezocht worden met andere gemeenten in Maas en Waal, met name Druten.
  • De toeristische sector is goed vertegenwoordigd in onze gemeente, maar er is nog behoefte aan nieuwe slechtweervoorzieningen. Ook kan er gewerkt worden aan de bekendheid van bestaande mogelijkheden voor ontspanning tijdens slecht weer.
  • In de agrarische sector zien we naast vergroting van bedrijven ook dat kleinere bedrijven allerlei neventakken ontwikkelen. Te denken valt aan recreëren, zorg en boerderijwinkels. Deze ontwikkeling moet echter beperkt blijven, zodat professionele ontwikkeling van de omliggende agrarische sector niet wordt belemmerd. 
  • We zien mogelijkheden voor een toekomstbestendige agrarische sector, waarin ondernemers perspectief hebben om te investeren, te innoveren en duurzaam te produceren. Daarbij zoeken we naar een goede balans tussen landbouw, leefomgeving en andere ruimtelijke opgaven. Natuurinclusieve landbouw zien wij als kansrijke ontwikkeling. Ondernemers die bijdragen aan biodiversiteit, bodemkwaliteit en landschapsbeheer zijn partners die actief bijdragen aan de gemeentelijke doelen.
  • We zetten in op uitbreiding van bedrijventerreinen en stimuleren dat bedrijven die daar thuishoren, zich verplaatsen vanuit de bebouwde kom naar die bedrijfsterreinen. Tegelijkertijd stimuleren we dat de middenstand, winkeliers en horeca in de dorpscentra blijven of zelfs uitbreiden.

3.5 Fijn om in te leven

Het Land van Maas en Waal en ook onze gemeente staan bekend als een landelijk, waterrijk en gemoedelijk rivierenland. Het gebied ademt rust, ruimte en heeft een sterke verbondenheid met de natuur. Ons landschap bestaat uit uitgestrekte uiterwaarden, boomgaarden en dijken. Het nodigt uit tot buitenleven, wandelen, fietsen en recreëren op of aan het water. Hoewel het landelijk en rustig aandoet, is het strategisch gelegen, met grote steden in alle windrichtingen binnen handbereik.

Ieder van onze acht dorpen heeft eigen leefbaarheidskenmerken. Die dorpsidentiteiten veranderen in de tijd en dat is een goede ontwikkeling. Toch willen we waken voor op veranderingen die te snel of te massaal gaan. Veranderingen moeten in een natuurlijk tempo plaatsvinden. Inwoners van buiten onze dorpen worden door onze gemeente met open armen ontvangen. Tegelijkertijd verwachten we dat zij aansluiting zoeken bij de cultuur en het gemeenschapsleven van het betreffende dorp.

Dorpsidentiteiten zijn moeilijk grijpbaar en ook wel subjectief. De dorpspaspoorten die nu zo’n tien jaar geleden zijn ontwikkeld, zouden in nauwe samenspraak met de inwoners uitgebreid moeten worden met maatschappelijke en sociale kenmerken van de dorpen. Zo maken we de identiteiten completer en explicieter voor iedereen. In dit verband zou het ook passen om de ‘Visie leefbaarheid kernen 2030’ van november 2013 te actualiseren naar 2040 of 2050.

Fijn om in te leven kan niet zonder (veel) groen. Groen draagt bij aan een aantrekkelijke en rustige woonomgeving en levert een belangrijke bijdrage aan klimaatadaptatie en biodiversiteit. Het zorgt voor verkoeling tijdens hete dagen, helpt water lokaal vast te houden en biedt leefruimte voor met name insecten en vogels. Daarnaast stimuleert groen het gebruik van de openbare ruimte om te wandelen en te fietsen.

Gezonde dorpen vragen ook om activiteiten en sterke verenigingen. Organiseren, helpen en meedoen zorgt voor verbinding. Het geeft zin en betrokkenheid en maakt het in de buurt wonen tot samenleven.

Wat we willen:

  • Verdere inpassing van vergroening in de buitenruimte waar dat mogelijk is. Dat varieert van groen doorlatende parkeerplaatsen tot inrichting van perken en parken en het plaatsen van bomen.
  • De openbare ruimte nodigt uit om naar buiten te komen, te wandelen en heeft voldoende plaatsen waar mensen elkaar kunnen ontmoeten en waar kinderen kunnen spelen. De ruimte moet daarom ook veilig en schoon zijn. Voldoende rustpunten, prullenbakken en verlichting dienen daarvoor te zorgen.
  • Voor de jeugd moeten er voldoende speelvoorzieningen zijn. Waar ruimte hiervoor beperkt is kan onderzocht worden of waterbergingen en wadi’s hiervoor ruimte kunnen bieden.
  • Ook voor senioren is het belangrijk elkaar te ontmoeten en te blijven bewegen. De mogelijkheden voor seniorenontmoetingsplekken en beweegtuinen dienen onderzocht te worden. 
  • We willen stimuleren en faciliteren dat buurten zelf verantwoordelijkheid nemen om hun openbare ruimte te beheren. Het is echter geen vrijbrief om de buitenruimte volledig naar eigen hand te zetten.

3.6 Bereikbaar en veilig

Veiligheid en bereikbaarheid zijn randvoorwaarden voor leefbaarheid. Men moet zich veilig kunnen voelen in onze gemeente. Uit cijfers blijkt dat voor veel inwoners en bezoekers dit gelukkig al geldt. Toch laten de cijfers laten zien dat West Maas en Waal minder goed scoort als het gaat om diefstal in het algemeen, en in het bijzonder van motorvoertuigen en bij woninginbraken. In vergelijking met Druten scoort West Maas en Waal slechter op verschillende indicatoren. (Bron: Dashboard - Openbare orde en veiligheid - West Maas en Waal)

Wonen in West Maas en Waal is heerlijk, maar de bereikbaarheid met openbaar vervoer is in onze gemeente erg beperkt. Wie afhankelijk is van het openbaar vervoer moet over een flink planningsvermogen beschikken. Hoewel er in de Waaldorpen nog busvervoer rijdt, ontbreekt dit aan de Maaskant volkomen. Daarom zijn veel mensen aangewezen op de auto of op de (elektrische of brom)fiets. Openbaar vervoer over water wordt gevormd door de veerponten. Over de Maas varen vier ponten en over de Waal vaart er één, die uitsluitend bestemd is voor voetgangers en fietsers. Deze ponten zijn cruciaal, zeker voor fietsende jongeren en forensen. Ook voor automobilisten besparen de veren vele omrijdkilometers. Tot slot spelen ze een grote rol in het toerisme, waar ze een belangrijke recreatieve aantrekkingskracht hebben.

West Maas en Waal is een uitgestrekt, maar dunbevolkt gebied. Dat betekent dat de aanrijtijden van hulpdiensten, en met name ambulances, relatief lang kunnen zijn. Als elke minuut telt, is het van belang dat de samenleving zich, zeker voor de eerste hulp, zelf kan redden. Belangrijk is in ieder geval de dekking van het aantal AED’s en mensen die ze kunnen bedienen, de zogenaamde burgerhulpverleners. Via 112-meldingen worden die automatisch en snel opgeroepen.
In het kader van veiligheid wordt steeds meer ingezet op weerbaarheid. Er wordt van mensen verwacht dat ze voorbereid zijn op extreme situaties zoals langdurige stroomuitval of extreme weersomstandigheden. Daarom willen we de samenredzaamheid van onze inwoners stimuleren door burgerinitiatieven en vrijwilligerswerk actief te ondersteunen. Samen met maatschappelijke partners en veiligheidsregio's richten we buurtnetwerken op, zodat inwoners in tijden van crisis voor elkaar kunnen zorgen.

Qua verkeersveiligheid is er op bepaalde wegen ruimte voor verbetering. Hoge snelheidsverschillen maken langzaam verkeer extra kwetsbaar. Automobilisten, motorrijders, bromfietsers en fatbikers rijden vaak harder dan toegestaan. Zij veroorzaken, voor een groot deel, het onveiligheidsgevoel bij de overige weggebruikers.

Wat we willen:

  • Fietsers voelen zich minder veilig als er geen duidelijke fietspaden of -stroken zijn. We willen dat onze gemeente probeert, door werk met werk maken, de wegen veiliger in te richten voor alle weggebruikers, met name voor fietsers en voetgangers.
  • Busverbindingen zijn de verantwoordelijkheid van de provincie Gelderland. We zetten in op het minimaal behouden van de bestaande buslijnen. In samenspraak met de gemeenten Maasdriel, Druten en Beuningen zou een lobby richting de provincie kunnen leiden tot een uitbreiding of intensivering daarvan. Denk bijvoorbeeld aan een busverbinding langs zowel de Maas- als de Waaldorpen. 
  • Voor het behoud van de veerponten over de Maas en het veer bij Wamel werken we nauw samen met de provincie en de oevergemeenten.
  • We willen het omkijken naar en letten op elkaar promoten en versterken. Een sterke sociale samenhang in de buurt zorgt voor meer veiligheid. We richten daarbij een meldpunt (zoals een ombudsman of vertrouwenspersoon) bij de gemeente in waar mensen de autoriteiten, desgewenst anoniem, kunnen attenderen op allerlei veiligheidskwesties zoals huiselijk geweld, verkeersonveilige situaties of criminaliteit.
  • De wegen in de kernen gaan we meer inrichten op een daadwerkelijke maximumsnelheid van 30 km/u. Daarnaast wordt het belang van voorlichting aan snellere weggebruikers benadrukt. Ook kunnen digitale snelheidsdisplays worden ingezet om weggebruikers te attenderen op hun actuele snelheid. Bovendien worden, waar mogelijk, vaker snelheidscontroles in de dorpen uitgevoerd door de politie.
  • Het AED-netwerk moet op orde zijn en blijven. Dit vraagt niet alleen om voldoende apparaten en een goede spreiding daarvan, maar zeker ook om de beschikbaarheid van voldoende burgerhulpverleners.
  • Een weerbare samenleving inrichten door de samenredzaamheid van onze inwoners te stimuleren en buurtnetwerken op te richten.

3.7 Duurzaam en toekomstgericht

Hoewel de aandacht voor energietransitie en klimaatadaptatie in de media wat naar de achtergrond verdwijnt, blijven deze onderwerpen nog steeds actueel en dringend. Sinds begin 2025 is de Wet gemeentelijke instrumenten warmtetransitie van kracht. Deze wet geeft gemeenten de bevoegdheid om specifieke wijken aan te wijzen die van het aardgas af moeten. Het landelijke streven is dat woningen in 2050 aardgasvrij zijn. Voor veel gezinnen is deze overgang ingrijpend en kostbaar. Bovendien is de materie complex, waardoor veel inwoners afwachten met het zetten van stappen.

Mobiliteit is en blijft van groot belang. Vergeleken met het landelijk gemiddelde en stedelijke gebieden is de autoafhankelijkheid in West Maas en Waal groot. Omdat onze gemeente uitgestrekt is en een sterk plattelandskarakter heeft, zijn inwoners veel vaker afhankelijk van een eigen auto voor werk, boodschappen en sociale contacten. Een groot deel van de gezinnen in onze gemeente heeft dan ook twee of meer auto’s. Deze voertuigen staan soms relatief vaak ongebruikt stil en nemen ruimte in beslag, vaak ook in de openbare ruimte. Dit zijn plekken die naders voor groen zouden kunnen worden ingericht. Zoals eerder vermeld is het openbaar vervoer in onze gemeente erg beperkt. Het is minimaal aanwezig in onze Waaldorpen en het ontbreekt volledig aan de Maaskant. 

De elektrificatie van het autoverkeer ontwikkelt zich gunstig, maar is voor velen nog prijzig. Daarbij zorgt de netcongestie op ons stroomnetwerk voor vertraging. Ook is het aantal openbare laadpalen niet toereikend. Uitgaand van gemiddelden voor Nederland is nu zo’n 13% van de personenauto’s in Nederland geheel of gedeeltelijk elektrisch. (Bron: Nederland Elektrisch - Cijfers en statistieken EV's in Nederland)

Wat we willen:

  • We willen onze inwoners actiever informeren over de komende energietransitie. De nadruk ligt hierbij op het samen ondernemen van acties zoals isoleren, inkopen en subsidies aanvragen (ISDE). Daarnaast willen we onderzoeken of het oprichten van een lokale energiecorporatie (gemeentelijk energiebedrijf) mogelijk is om meer energieonafhankelijkheid te creëren. 
  • Autoverkeer blijft een noodzakelijk element in onze mobiliteit. We willen actief inzetten op deelmobiliteit zoals deelauto’s, leen- en deelfietsen en initiatieven zoals AutoMaatje en AutoMobiel.
  • Betere fietsverbindingen en meer oplaadpunten voor e-bikes, zeker op plekken waar toeristen langsrijden.
  • We geven meer bekendheid aan (vrijwillige) initiatieven voor kledingrecycling en -herstel. Omdat de productie van textiel zeer grondstofintensief is, levert het repareren en recyclen van kleding een enorme milieuwinst op. Het bespaart aanzienlijk op watergebruik, pesticiden en energie, en is bovendien kostenbesparend.

4 Bestuurlijke Programma’s

In de bestuurlijke programma’s worden de politieke ambities uit het coalitieakkoord vertaald naar concrete doelen en budgetten. De programma’s geven ook meer richting aan het maatschappelijk effect wat we met onze gemeente willen bereiken.

In dit hoofdstuk geven we als coalitiepartijen onze concrete wensen per bestuurlijk programma aan. Ze vloeien rechtstreeks voort uit de brede inventarisatie die het CDA en de FD hebben uitgevoerd. Waar we in hoofdstuk 3 vooral de geest van het coalitieakkoord schetsen, benoemen we in hoofdstuk 4 concreet welke punten we graag gerealiseerd zien.

4.1 Programma 1: Wonen, Werken en Recreëren

Het programma Wonen, Werken en Recreëren richt zich op gemeentelijke betrokkenheid bij woningbouw, bedrijvigheid, recreatie & toerisme, vergunningverlening en op toezicht & handhaving.

Woningbouw

  • Nieuwe woningbouw willen we in betere balans brengen met de fysieke infrastructuur, maatschappelijke en verkeerskundige voorzieningen. Groei verschilt per dorp en vraagt daarom telkens om een specifieke aanpak. 
  • Bij de realisatie van nieuwbouwwijken en de herinrichting van bestaande woonwijken wordt nadrukkelijk gekeken naar de mogelijkheden voor de aanleg van wandelpaden, zitplekken en kinderspeelplekken. 
  • Onze gemeente zou via een Leefbaarheidsvisie moeten formuleren hoe de bevolkingsontwikkeling en de woningbouwontwikkeling tot elkaar moeten (gaan) verhouden. Momenteel ligt de behoefte bij alle dorpen op betaalbare woningen voor starters en passende woningen voor doorstromende senioren. 
  • We starten een pilot om samen met lokale verenigingen Dorpsleefbaarheidsplannen op te stellen. Omdat de behoefte per dorp verschilt, is dit altijd maatwerk. We onderzoeken of we deze plannen kunnen integreren met de eerdergenoemde Dorpspaspoorten. Na een succesvolle pilot rollen we deze aanpak uit naar de overige dorpen.
  • Uitbreiding van de dorpen vindt gefaseerd plaats, met behoud van de schaal en identiteit van de kernen. Daarbij wordt uitgegaan van een evenwichtige groei van een substantieel aantal woningen per dorp richting 2040.
  • In Wamel zetten we in op de verplaatsing van de supermarkt naar de locatie van de Feestexpert. Dit willen we in combinatie met woningen doen.
  • We willen dat onze gemeente projectontwikkelaars actiever gaat benaderen, om aldus meer de regie op woningbouwlocaties en -projecten mogelijk te houden. We gaan onderzoeken of mogelijkheden van een actievere grondpolitiek mogelijkheden biedt door te kijken naar kleine, slimme samenwerkingen met projectontwikkelaars voor bepaalde terreinen of gebieden. Op deze manier kan de gemeente borgen dat ontwikkelingen aansluiten bij de lokale behoeften en op de gemeentelijke Ruimtelijke visie.
  • De tijdelijke stop op nieuwe woningbouwverzoeken moet zo snel mogelijk worden opgeheven. Als de overwegingen zijn dat er nog onvoldoende beleid is op het vlak van zorg, infrastructuur, scholen, riolering en wegen, dan moet daar veel haast mee worden gemaakt. Het college informeert en betrekt de gemeenteraad hierbij.
  • We willen een Leefbaarheidsfonds oprichten waaruit fysieke, maatschappelijke en verkeerskundige voorzieningen voor buurten gefinancierd kunnen worden. Alle vergunning-gebonden nieuwbouw- en renovatieprojecten gaan bijdragen aan zo’n fonds
  • Bij nieuwbouwprojecten krijgen de eigen inwoners voorrang bij de inschrijving voor een woning.

Economische Zaken

  • Creëer een ondernemersloket waarbij de gemeente het ondernemen in West Maas en Waal faciliteert en verbindende initiatieven ondersteunt, bijvoorbeeld de Techniekdagen.
  • We verkennen met ondernemers of de komst van nieuwe platforms kan helpen om onderlinge banden te versterken.  Hoewel er tussen verschillende groepen ondernemers vaak al mooie samenwerkingen bestaan, willen we deze banden verder aanhalen. Dit doen we bijvoorbeeld door het organiseren van netwerkevents en door gemeentelijke activiteiten proactief met ondernemers te bespreken. 
  • We zetten in op het versterken van de relaties met omliggende regio’s en de provincie. Voor het uitwissel van kennis en kunde kan onze gemeente zich bijvoorbeeld aansluiten bij de Economic Board van de Regio Rivierenland. Hier is met name winst te halen voor de agrarische sector, de fruitteelt en het toerisme. Voor de overige sectoren zoeken we actief de samenwerking op met gemeenten in Maas en Waal en het Rijk van Nijmegen.
  • Wij herontwikkelen bedrijventerreinen, bijvoorbeeld in Wamel Oost, met als doel de vrijkomende percelen als woningbouwlocaties te bestemmen.
  • Onze gemeente stelt niet meer dan noodzakelijke bovenwettelijke eisen aan ondernemingen en organisaties die zich vestigen of willen uitbreiden in onze gemeente.
  • Onze gemeente stelt binnen twee jaar een integraal plan op om de leegstand in de dorpscentra te verminderen.
  • Economische Zaken bezoekt jaarlijks actief minimaal één keer de dorpen om met lokale ondernemers in gesprek te gaan. Alleen door de zichtbaarheid en de bereikbaarheid te verhogen, bouwen we aan vertrouwen. De gemeente stelt zich hierbij maximaal faciliterend op richting ondernemers. 
  • Wij zetten in op een toekomstbestendige agrarische sector waarin ondernemers perspectief hebben om te investeren, te innoveren en duurzaam te produceren. Daarbij zoeken we naar een goede balans tussen landbouw, leefomgeving en andere ruimtelijke opgaven. Natuurinclusief boeren zien wij als kans. Ondernemers die bijdragen aan bioiversiteit, bodemkwaliteit en landschapsbeheer zijn partners die actief bijdragen aan onze doelen.
  • Toerisme en recreatie blijven belangrijke economische pijlers voor onze gemeente. De gemeente maakt bewuste keuzes om een aantrekkelijk en gevarieerd aanbod te behouden en uit te breiden voor allerlei verschillende doelgroepen.
  • Samen met de branche gaan we op zoek naar nieuwe slechtweeractiviteiten en -voorzieningen, zoals een klimhal, speelhal of bioscoop. Daarnaast zetten we nadrukkelijk in op het promoten van bestaande locaties zoals Monkey Town in Wamel en de escaperooms in Appeltern.
  • De tarieven voor toeristen- en watertoeristenbelasting blijven binnen onze gemeente aantrekkelijk. De gemeente onderzoekt daarbij in hoeverre er gedifferentieerde tarieven kunnen komen voor verschillende groepen zoals gasten van hotels en B&B’s, seizoentoeristen op campings en dagtoeristen.
  • Voor vermaak en educatie zijn er voor onze toeristen en dagrecreanten interessante mogelijkheden die al bestaan of kunnen worden ontwikkeld. Te denken valt dan aan museum Tweestromenland, de Tuut maar ook de geologische/archeologische werkplaats ‘Over de Maas’ of natuurwandelingen maken met IVN.

Overige zaken

  • Inwoners moeten zonder of met afspraak terechtkunnen bij het gemeenteloket (Inwoner Service Centrum/VraagWijzer). De mogelijkheid om vooraf een afspraak te maken blijft bestaan, waarbij afspraken voorrang hebben.
  • De gemeente, via het Inwoner Service Centrum/VraagWijzer, gaat inwoners helpen bij het formuleren van hun hulpvragen en begeleid hen naar de juiste persoon of instantie.  
  • De Omgevingswet voorziet in de mogelijkheid om een bestemmingsplan- dan wel omgevingsplanwijzigingen ten dele te delegeren aan het college van B&W. Dat is ook het geval in West Maas en Waal. Hoewel bepaalde gevallen via de raad moeten voor een bindend advies, kunnen bepaalde gevallen autonoom door het college worden opgepakt. De raad wordt minimaal op de hoogte gehouden van alle keren dat het BOPA-instrument wordt gehanteerd.

4.2 Programma 2: Maatschappelijke zaken

Maatschappelijke zaken gaan over samenleven. Over hoe we met elkaar omgaan, hoe we samenwerken om dingen voor elkaar te krijgen, hoe we elkaar helpen en steunen, fysiek maar ook mentaal. Samen is als een succesvol sportteam, een geoliede machine waarbij het geheel meer is dan de som der delen. 

Inwonerparticipatie

  • Bij plannen en besluiten willen we dat onze gemeente inwoners vanaf het begin betrekt. Initiatieven uit de samenleving krijgen een eerlijke kans, niet alleen de grootste of meest professionele partijen. 
  • Met Right to Challenge willen we dorpen meer zeggenschap geven. Wat inwoners zelf beter kunnen organiseren, moet ook daadwerkelijk bij hen komen te liggen. De gemeente faciliteert, niet andersom.
  • Haalbare initiatieven vanuit de dorpen moeten maximaal ondersteund worden door de gemeente. Het is niet de bedoeling dat de gemeente, initiatieven overneemt, maar wel om ze op de goede weg te helpen en bij te staan bij hulpvragen. Hierbij is het noodzakelijk dat kennis met verenigingen en organisaties gedeeld wordt.
  • Het Digitaalhuis is een belangrijk instrument om mensen (beter) te laten participeren in onze moderne samenleving. Mensen worden op een hoger taalniveau gebracht en ook wordt de digitale redzaamheid verbeterd. De maatschappelijke waarde hiervan is hoog en wordt geborgd in ons beleid.

Inwonervriendelijke en gastvrije gemeente

  • We willen dat onze gemeente gaat helpen bij het formuleren van vragen van inwoners, ondernemers of bestuurders en dat inzichtelijk wordt bij wie welke vraag gesteld moet worden.
  • West Maas en Waal is en blijft een toiletvriendelijke gemeente. Deze status willen we behouden door informatie in de HogeNood-app actueel te houden, winkels en openbare gebouwen aan te moedigen om aan de app mee te doen en door meer bekendheid te geven aan de app.
  • In 2027 zijn er op basis van een loopstromen-analyse circa 10 extra zitbanken geplaatst op logische locaties om de mobiliteit van senioren te vergroten.
  • We geven meer aandacht aan discriminatie in onze gemeente en stellen daarvoor een ambassadeur aan.
  • Wij geven uitvoering aan de Spreidingswet. Bij de uitvoering ervan ontstaan waardevolle kansen voor ontmoeting en verbinding tussen bewoners, onze inwoners en verenigingen, die ieder op hun eigen manier bijdragen aan begrip, betrokkenheid en een breed maatschappelijk draagvlak.
  • We zijn een gastvrije gemeente voor Oekraïners die hun thuisland moesten verlaten.
  • De huidige status van Dementievriendelijke gemeente blijft behouden en willen we waar mogelijk uitbreiden.

Jeugd en jongeren

  • Voor onze jongeren willen we een Jeugdleefbaarheidsfonds opzetten. Dit fonds kan zorgen voor cofinanciering (maximaal 80%) van laagdrempelige (gratis) activiteiten of voorzieningen die de leefbaarheid van de jeugd in de dorpen vergroten. Voorbeelden hiervan zijn Johan Cruijff courts, pumptrack- of survivalbanen. Aan ons college de vraag om te komen met een raadsvoorstel waarin is uitgewerkt hoe zo’n fonds kan worden gevormd en hoe uitkeringen daaruit op een eerlijke manier kunnen worden gedaan.
  • We willen onderzoek laten doen naar de mogelijkheid om de sportfaciliteiten in Boven-Leeuwen te centraliseren in één gezamenlijke omgeving, zodat verenigingen elkaar kunnen versterken en beter kunnen samenwerken. Dit vergroot de mogelijkheden voor de inwoners en verstevigt de positie van de verenigingen. 

Verenigingen, organisaties en accommodaties

  • Onze gemeente moet deskundigheid beschikbaar stellen voor hulp bij het organiseren van activiteiten, zoals bij het aanvragen van vergunningen. Organisaties worden hierdoor flink ontlast, zeker bij vergunningen voor grotere evenementen die door de VRGZ worden beoordeeld.
  • We willen meer duidelijkheid aan verenigingen en vrijwilligers geven over de wijze waarop ze via een vrijwilligersverzekering door de gemeente voor schade worden gedekt.
  • MFA’s en dorpshuizen moeten weer voor en van de gemeenschap worden. We zien ze als laagdrempelige ontmoetingsplekken waar iedereen zich welkom voelt en waar consumpties redelijk zijn geprijsd. Initiatieven om gezamenlijk te eten in bijvoorbeeld dorpshuizen of via verenigingen of organisaties moeten ondersteund blijven worden.
  • Onze gemeente moet de OZB voor vrijwilligersorganisaties (zonder winstoogmerk en zonder personeel in dienst/ingehuurd) gaan compenseren. De organisatie moet de compensatie wel steeds zelf aanvragen.
  • De subsidieverordening van onze gemeente is toe aan een herijking. We willen dat er wordt gekeken naar het extra belonen van omkijken naar leden en vrijwilligers en extra activiteiten die verbindingen in de samenleving maken. Reguliere activiteiten worden in overeenstemming met de verordening beloond en vallen niet onder extra belonen.
  • De Cultuurnota willen we verbreden door bijvoorbeeld Sinterklaas, carnaval en andere culturele activiteiten erin op te nemen.
  • We willen procedures rondom de organisatie van zowel kleinschalige als grootschalige evenementen versnellen en vereenvoudigen.
  • We zetten in op het bundelen en zichtbaar maken van evenementen die door dorpsinitiatieven en verenigingen worden georganiseerd door deze structureel op te nemen in de dorpsagenda’s. De gemeente, in onderlinge afstemming met de dorpsplatforms, draagt actief bij aan een goede onderlinge afstemming tussen deze agenda’s en stimuleert samenwerking, zodat initiatieven elkaar versterken en optimaal tot hun recht komen. 
  • Leefbare dorpen vragen om actie. Wij kiezen er bewust voor om verenigingen, vrijwilligers en dorpsinitiatieven actief te ondersteunen, omdat zij de ruggengraat vormen van onze gemeenschap. 
  • Zwembad De Zeven Morgen is van groot belang voor de recreatie, gezondheid en sociale verbinding in onze gemeente. Om dit zwembad in de toekomst te behouden zet onze gemeente zich actief in voor verbeteringen duurzaamheid en toekomstbestendigheid. Moderne voorzieningen en energie-efficiëntie staan daarbij voorop.
  • We streven naar een nieuw schoolgebouw in Wamel over 4 jaar, waar de verschillende scholen bij elkaar zitten. Een onderzoek naar de mogelijke vestiging van de scholen in de rooms-katholieke kerk in Wamel loopt. Mocht dit niet haalbaar blijken, dan zetten we bij voorkeur in op een passende woonvoorziening voor het dorp, nadrukkelijk zonder zorgcomponent.

Zorg en welzijn

  • We zetten in op het verkorten van wachttijden bij VraagWijzer, onder andere door het gebruik van efficiëntere systemen. Daarnaast nemen we de intakeprocedure onder de loep en brengen we de bezetting op orde. Dit moet leiden tot een betere en snellere communicatie met onze inwoners.
  • De inzet van Buurtbemiddeling moet indien nodig direct en snel beschikbaar zijn. 
  • Om te voorkomen dat we binnen de noodzakelijke zorg in de toekomst niet meer kunnen geven, willen we dat onze gemeente inzet op:
    • preventie: het voorkomen dat fysieke of mentale zorgbehoeften ontstaan; 
    • vroegsignalering: het zo snel mogelijk aanpakken van zorgvragen om verergering te voorkomen;
    • een sterke sociale basis: het bouwen aan een omgeving waarin inwoners elkaar helpen en eenvoudige ondersteuning overnemen van professionals;
    • netwerksamenwerking: het verbeteren van de coördinatie tussen professionele zorgorganisaties om de efficiëntie te vergroten (bijvoorbeeld via wijk- en straatgebonden hulpverlening aan huis).
  • Gedurende de openingstijden dienen alle afdelingen van onze gemeente (inclusief VraagWijzer) bereikbaar te zijn.
  • We zorgen voor het adequaat leiden van onze inwoners naar de juiste zorg ondersteuning en willen hier heldere meetbare doelen aan hangen.
  • We willen voor woningaanpassingen, in het kader van WMO, versoepelde bouwregels maken zodat mensen snel van start kunnen en nog lang kunnen profiteren van hun passende woning.
  • Mantelzorg- en meergeneratiewoningen (woningdelen) worden steeds belangrijker nu de intramurale zorg wordt afgebouwd. Dit betekent dat intensievere zorg thuis vaker door mantelzorgers geleverd moet worden. Daarom volgen we de huidige beleidsregels, maar monitoren we de effectiviteit ervan kritisch. Waar nodig stellen we deze regels bij.
  • We zetten in op het versterken van sociale netwerken en het tegengaan van eenzaamheid. Inwoners laten we niet aan hun lot over, maar betrekken we actief bij het dorpsleven.
  • We willen in kaart brengen wat de gemeentelijke behoefte is aan kleinschalige woon-en zorginstellingen. De vergunningverlening hiervoor moet zoveel mogelijk passen bij de behoefte.

4.3 Programma 3: Fysieke leefomgeving

Het leven binnen onze gemeente speelt zich af op 86 km2 omsloten door Waal en Maas. We zijn trots op de prachtige, royale groene ruimte die wij tot onze directe beschikking hebben. Die ruimte is ondanks de grootte toch schaars. We hebben ruimte nodig voor allerlei functies en moeten daarnaar handelen.

Leefbare en klimaatbestendige dorpen

  • Onze gemeente ligt in een uniek en kwetsbaar gebied tussen de rivieren. Daarom kiezen we voor een toekomstgerichte aanpak waarin water en bodem leidend zijn bij ruimtelijke keuzes. We nemen maatregelen zoals waterberging en vergroening, en stimuleren inwoners om hieraan bij te dragen.
  • Onze visie: "Door samen te werken met andere gemeenten in het Land van Maas en Waal versterken we de aanpak en benutten we de kansen van het gebied als geheel. Daarmee profileren we ons als een uniek gebied in Nederland dat zich gezamenlijk klaarmaakt voor de toekomst op het gebied van waterveiligheid, wateroverlast en droogte." We willen dat onze gemeente dit ook tot haar visie maakt in woord en in daad.
  • Onze inwoners worden op de hoogte gehouden van openbare projecten binnen onze gemeente, bijvoorbeeld via de BouwApp. De voortgang van de diverse projecten zal tijdens de voorbereiding en uitvoering actueel worden gehouden.
  • Onze gemeente staat positief tegenover duurzame energieopwekking en innovatieve oplossingen voor energieopslag. Beproefde oplossingen worden gestimuleerd en inwoners worden hierbij actief betrokken.
  • Voor het beheer van openbaar groen wordt de rol van inwoners en buurten vergroot. Waar mogelijk en passend worden bewoners en lokale initiatieven betrokken bij het onderhoud, de inrichting en de kwaliteitsverbetering van groenvoorzieningen.
  • We zetten in op het stimuleren van zonnepanelen op daken en niet op verdere uitbreiding van zonnevelden in het buitengebied. Daarnaast investeren we in de uitbreiding van openbare laadvoorzieningen, woningisolatie en de inzet van energiecoaches.
  • Bij de verdere verduurzaming onderzoeken we hoe West Maas en Waal minder afhankelijk kan worden van grote energieleveranciers. We stimuleren lokaal eigenaarschap van duurzame energieprojecten en bekijken de mogelijkheden voor een lokale energiecoöperatie (zoals Betuwewind), zodat opbrengsten en voordelen zoveel mogelijk lokaal behouden blijven.
  • Voor de herinrichting van het verblijfsgebied in het centrum van Beneden-Leeuwen wordt gebruikgemaakt van de mogelijkheid van Right to Challenge, waarbij inwoners, ondernemers en maatschappelijke partijen worden uitgenodigd om alternatieve voorstellen of uitvoeringsvormen in te dienen.
  • Bij ruimtelijke ontwikkelingen willen we dat actief wordt ingezet op het tegengaan van verstening en willen we waar mogelijk groenstructuren versterken. Groen is cruciaal voor leefbaarheid en voor biodiversiteit. Bij de inrichting van de openbare ruimte kiezen we dan ook vaker voor vergroening. Er wordt bekeken waar een tweede trottoir kan plaatsmaken voor meer groen in de openbare ruimte.
  • In het kader van klimaatadaptatie gebeurt er al heel veel in de gemeente. Dit wordt doorgezet volgens de werk-met-werk-maken-filosofie. We vragen ons college om meer aandacht te geven aan uitleg en bekendheid naar de inwoners, bijvoorbeeld door een zichtbaar merkteken. 
  • Leefbaarheid maken we zichtbaar in de praktijk: in veilige en schone straten, voldoende openbaar groen en toegankelijke ontmoetingsplekken in iedere kern. Bij ruimtelijke ontwikkelingen en beheer van de openbare ruimte willen we dat onze gemeente actief stuurt op een prettige, veilige en sociale leefomgeving. Bij de ontwikkelingen worden inwoners en belanghebbenden betrokken.
  • Onze gemeente stimuleert dat maatschappelijke organisaties, sportverenigingen, ondernemers en inwoners de mogelijkheden onderzoeken voor lokale energiehubs, waarbij de energievoorziening van nabijgelegen panden of accommodaties slimmer wordt georganiseerd en gedeeld. De gemeente faciliteert en ondersteunt waar nodig, maar het initiatief ligt primair bij de betrokken organisaties en samenwerkingsverbanden zelf.
  • Onze gemeente moet zich actief inzetten voor het vereenvoudigen en versnellen van procedures rondom de organisatie van zowel kleinschalige als grootschalige evenementen. Evenementen dragen bij aan levendigheid, sociale cohesie en economische activiteit. Daarom stroomlijnt de gemeente vergunningstrajecten en biedt duidelijke, toegankelijke ondersteuning aan organisatoren. Hierbij wordt ingezet op transparante regels en maatwerk waar nodig, zodat initiatiefnemers worden gestimuleerd en gefaciliteerd.
  • Onze gemeente zet actief in op de realisatie van een gezamenlijk terrein voor de scouting en het evenemententerrein voor verenigingen in Dreumel. Hiermee creëren wij een toekomstbestendige voorziening die ruimte biedt aan maatschappelijke activiteiten, ontmoeting en evenementen. Tegelijkertijd werken we aan de planvorming voor appartementenbouw op de huidige locatie van de scouting, passend binnen de woningbouwopgave en de ruimtelijke kaders.
  • Sporten, zeker in teamverband, is belangrijk voor de lichamelijke en geestelijke vitaliteit van onze inwoners. Het is bovendien leuk om te doen. Onze gemeente denkt en werkt actief mee met sportverenigingen om de aantrekkelijkheid en de toegankelijkheid van de verenigingen te verbeteren. In dat verband willen bijvoorbeeld Unitas en Tennisvereniging Wamel aandacht voor hun gezamenlijke parkeerterrein en onderzoeken wat de mogelijkheden zijn om bij vorst hier een natuur ijsbaan te maken.
  • De gemeente zet in op het verbeteren van officiële hondenuitlaatplekken in alle kernen. Daarbij worden de bestaande locaties beoordeeld op veiligheid, gebruiksgemak en inrichting, waarna waar nodig passende voorzieningen zoals omheiningen en afsluitbare toegangspoorten worden gerealiseerd.

Mobiliteit en verkeersveiligheid

  • Er wordt ingezet op het verbeteren en toekomstbestendig maken van de bereikbaarheid van de dorpen aan de Maas. Daarbij wordt gewerkt aan een slimme combinatie van vervoersvormen, waaronder openbaar vervoer, deelmobiliteit, fietsverbindingen en goed bereikbare voorzieningen. Hierbij wordt nadrukkelijk gekeken naar de behoeften van inwoners, ondernemers en bezoekers, met aandacht voor duurzaamheid, toegankelijkheid en regionale verbindingen.
  • Onze gemeente zal in nauw overleg met de provincie Gelderland moeten gaan werken aan een oplossing voor de onveilige kruising Van Heemstraweg ter hoogte van de Nieuwe Weg in Wamel. Als dit succesvol gebeurt, zullen meer vergelijkbare situaties aangepakt kunnen worden.
  • Onze gemeente moet de Provincie bewegen om de rotonde tussen de N322, Van Heemstraweg en N323 te veranderen om de dagelijkse verkeersopstoppingen hier tegen te gaan. 
  • Binnen de gemeente wordt aandacht besteed aan de kwaliteit en herkenbaarheid van alle dorpsentrees. Deze vormen het visitekaartje van de dorpen en dragen bij aan de uitstraling, verkeersveiligheid en gastvrijheid. Waar mogelijk worden dorpsentrees opgewaardeerd met passende inrichting, groenvoorzieningen, verlichting en duidelijke overgangen tussen buitengebied en bebouwde kom. Hiervoor dient ons college een plan te maken dat kan worden uitgevoerd in samenhang met ander beheer- en onderhoudsplannen voor onze openbare ruimte.
  • Binnen de gemeente wordt de openbare verlichting waar nodig geoptimaliseerd om de verkeersveiligheid en sociale veiligheid te verbeteren. Daarbij wordt in het bijzonder aandacht besteed aan looproutes, trottoirs en oversteekplaatsen, zodat een adequaat en gelijkmatig lichtniveau wordt geborgd. De uitvoering wordt gefaseerd opgepakt en waar mogelijk gekoppeld aan regulier onderhoud en vervangingsopgaven.
  • Onze gemeente moet de provincie bewegen om landbouwverkeer dat over de PWA-brug rijdt, om te leiden om de woonwijken in Beneden-Leeuwen en Wamel.
  • Onze gemeente werkt aan een structurele oplossing voor de ontsluiting van het Leeuwse Veld richting de Maas en Waalweg. Ook zou de Van Heemstraweg tussen Zijveld en Veesteeg anders ingericht moeten worden om het Leeuwse Veld te verbinden met het kerndorp. Ons college moet hiervoor een plan uitwerken wat in combinatie met het lopende onderzoek naar de ontsluitingswegen voor Beneden-Leeuwen en Wamel wordt uitgebracht.
  • Er wordt gewerkt met een dorpsgerichte verkeersveiligheidsagenda, waarin de belangrijkste knelpunten rondom schoolroutes, fietspaden, oversteekplaatsen staan. Op basis hiervan wordt jaarlijks een uitvoeringslijst opgesteld met concrete maatregelen. De uitvoering vindt gefaseerd plaats, met aandacht voor verkeersveiligheid, leefbaarheid en uitvoerbaarheid. Speciale aandacht zou moeten worden gegeven aan oversteekplaatsen bij dorpshuizen, MFA’s en scholen.
  • Openbaar vervoer moet behouden blijven, zowel bus als veren. Onze gemeente moet met onze gemeenteraad een meerjarige visie ontwikkelen op OV, buurtbussen, deel-mobiliteit en vrijwillige taxi-initiatieven. Bij voorkeur werkt ze hier samen met de Regio Rivierenland. De veerverbindingen blijven een essentiële schakel en worden actief ondersteund.
  • Wij willen dat onze gemeente inzet op het verbeteren van de verkeersveiligheid en aantrekkelijkheid van fietsverbindingen tussen de dorpen en in de buitengebieden. Daarbij willen wij prioriteit geven aan routes waar de verkeersveiligheid onder druk staat, zoals de Nieuwe Weg (Wamel–Alphen), het Zijveld (Beneden-Leeuwen–Maasbommel) en de Nieuwstraat (Dreumel–Alphen). Waar passend willen we duidelijke zichtbare en effectieve veiligheidsmaatregelen, zoals rode rijlopers en andere fietsveiligheidsvoorzieningen.
  • Onze gemeente blijft aandacht vragen bij de andere wegbeheerders (provincie, waterschap en Rijkswaterstaat) voor de doorstroming van verkeer over sluis St. Andries, de Maas en Waalweg en de Prins Willem-Alexanderbrug (PWA-brug). In het bijzonder zou aandacht moeten zijn op maatregelen die sluipverkeer beperken. Een mogelijke maatregel zou kunnen zijn om een weegpunt voor vrachtverkeer te realiseren bij de Prins Willem-Alexanderbrug. Voor de problematiek rond sluis St. Andries wijzen we nadrukkelijk op samenwerking met de gemeente Maasdriel. Daarbij heeft ook goede verlichting op de Prins Willem-Alexanderbrug onze nadrukkelijke aandacht.
  • Onze gemeente brengt haar wegennetwerk integraal in kaart. Dit betreft de actuele kwaliteit van het wegdek zowel als de verkeersveiligheid op wegdelen. Deze inventarisatie moet een structureel karakter krijgen. Op basis van deze inventarisatie moet, in nauw overleg met onze gemeenteraad, een plan van aanpak opgesteld worden voor een verkeersveiligheid en onderhoudsplan. Op deze wijze willen we zorgen dat er tijdig op knelpunten ingegrepen kan worden. 
  • In het kader van verkeersveiligheid willen we aandacht voor bijvoorbeeld de Hogeweg en de Trambaan vanaf de Tessstraat tot Boven-Leeuwen. Met name zou er ook aandacht moeten zijn voor de veiligheid van voetgangers die daar over een slecht verlichte weg moeten lopen. Ook de Heppertsestraat in Altforst is een langdurig bestaand verkeersknelpunt en moet nu in de plannen opgenomen gaan worden. Tenslotte is het zeer wenselijk om voor voetgangers een trottoir aan te leggen in het laatste gedeelte van de Molenstraat in Boven-Leeuwen, richting de Van Heemstraweg en de bushalte. Met de komst van de nieuwe wijk Leeuwendonk is het drukker geworden op dat gedeelte van de Molenstraat.
  • Om geluidsoverlast te voorkomen in het Leeuwse Veld dient er onderhoud plaats te vinden aan geluidswal langs de Maas en Waalweg.

Bedrijventerreinen

  • Er wordt verkend waar binnen de gemeente ruimte kan worden geboden voor de ontwikkeling van nieuwe bedrijventerreinen, passend bij de economische behoefte en ruimtelijke mogelijkheden.

4.4 Programma 4: Burger, Bestuur en Veiligheid

De gemeente West Maas en Waal is met 21.000 inwoners een kleine gemeente. Dat maakt dat ze gemakkelijker tussen haar inwoners kan staan en daarmee gemakkelijker kan samenwerken. Aan de andere kant zorgt de kleine omvang ervoor dat het moeilijk is om te voldoen aan de steeds hogere eisen van de maatschappij en daarmee samenhangende complexe wet- en regelgeving. Samenwerking is dan het toverwoord. Op die wijze bieden we het hoofd aan het uitvoeren van steeds complexere taken terwijl we toch voor onze inwoners zeer toegankelijk blijven.

De gemeente dichterbij

  • We willen leesbare correspondentie en een toegankelijke website met helder en duidelijk taalgebruik, maar ook dat het belang van de boodschap duidelijk wordt gemaakt.
  • We willen de kloof tussen onze inwoners en onze gemeente verkleinen. Ook moet ons college zichtbaar zijn buiten de actualiteit van de raadsagenda, en niet dat het alleen langskomt als er iets van een specifiek dorp op de agenda staat.
  • Het college moet een voorstel uitwerken hoe raadsleden participatie-uitgaven kunnen declareren bij de gemeente. Het gaat dan om bijvoorbeeld zaal- of standhuur, kopieer- en drukkosten en betaalde consumpties. Als uitkeringen per raadslid niet zijn toegestaan, dan willen we zoeken naar oplossingen binnen fractiebudgetten.

Goed bestuur

  • Handhaving is cruciaal om de leefbaarheid, de veiligheid en het rechtvaardigheidsgevoel te waarborgen. De spelregels die zijn vastgelegd in wet- en regelgeving vormen de maatstaf voor handhaving. Soms kan er van die spelregels afgeweken worden, maar het gevaar van precedentwerking ligt dan op de loer. Ook kan wet- en regelgeving onduidelijk of ontoereikend zijn. In beide situaties moeten deze gevallen gedocumenteerd worden, inclusief de reden van afwijking of de reden waarom handhaven niet mogelijk is.
  • We willen meer handhaving op het uitbreiden van neventakken bij agrarische bedrijven. De gestelde voorwaarden binnen onze gemeente zijn beschreven in het programma Vitaal Platteland.
  • We willen dat initiatieven die vanuit de dorpen komen, maximaal ondersteund worden door de gemeente. De initiatiefnemers moeten bijvoorbeeld proactief worden geïnformeerd over subsidiemogelijkheden en hulp krijgen bij het aanvragen daarvan. Ook willen we hen ondersteunen met kennis over wet- en regelgeving. Dit versterkt verenigingen en organisaties, en geeft hen het nodige vertrouwen.

Samenwerking

  • Onze gemeente moet zich inzetten om kweloverlast of verdroging van de grond als gevolg van het project UWDH (Uiterwaarden Wamel Dreumel Heerewaarden) nauwkeurig te laten monitoren door de projectorganisatie. Mocht er schade ontstaan door verandering in de grondwaterstand die samenhangt met het project UWDH, dan moet onze gemeente de verantwoordelijke partij Rijkswaterstaat daarop aanspreken en mogelijk ook aansprakelijk stellen.
  • Onze gemeente moet actief lobbyen bij de VNG om een consistenter beleid van het Rijk rond de uitkeringen in het Gemeentefonds. Zo'n beleid maakt het begroten van gemeenten realistischer en eenvoudiger. 

4.5 Programma 5: Bedrijfsvoering

De gemeente werkt vanuit nabijheid en vertrouwen. Niet alleen vanuit het gemeentehuis te besturen. Ze kiest ervoor om zichtbaar en aanspreekbaar te zijn in elk dorp. Raadsleden, collegeleden en ambtenaren komen in de dorpen om echt te ervaren wat er lokaal leeft.

Professionele organisatie

  • West Maas en Waal heeft zo'n 10 jaar geleden besloten om een Regiegemeente te zijn. Kenmerkend daarvoor is beleid ontwikkelen en uitvoering uitbesteden, maar wel daar wel regie over voeren. Na 10 jaar zou er een evaluatie moeten komen. Een dergelijk onderzoek zou, bij voorkeur, door de Rekenkamer Rivierenland uitgevoerd moeten worden. Het is een taak van de gemeenteraad om de Rekenkamer hiervan te overtuigen. Ook medewerking en instemming van ons college en ons ambtelijk apparaat is daarvoor noodzakelijk.
  • De BuitenBeter-app is een ideaal middel om inwoners meldingen te laten maken. Veel inwoners die deze app gebruiken zijn enthousiast hierover. Niet alleen vanwege het gebruiksgemak, maar vooral ook omdat meldingen snel opgevolgd worden. Het gebruik van de app zou meer gepromoot moeten worden door onze gemeente. 
  • De digitalisering van onze gemeente is ondersteunend en nooit leidend. Uiteindelijk is er altijd een mens die het laatste woord heeft.
  • Levenslang leren zorgt ervoor dat de vakkennis voortdurend up to date wordt gehouden. Het zorgt ervoor dat medewerkers wendbaar blijven in een snel veranderende maatschappij en dat ze blijven voldoen aan specifieke wettelijke kwaliteitseisen.
  • Onderbesteding is een probleem bij veel gemeenten en komt helaas ook in onze gemeente voor. Vooral de laatste jaren zien we opmerkelijke verschillen tussen begrote (Rijks)bijdragen en de werkelijke. De begrote bedragen zijn leidend voor politieke keuzes. Achteraf moeten constateren dat zuinige keuzes niet gemaakt hadden hoeven te worden of dat bepaalde zaken wel mogelijk zouden zijn geweest, is frustrerend. Onze gemeente moet op zoek gaan naar mogelijkheden om met flexibele posten de meevallers achteraf, impliciet te begroten. Door afstemming tussen onze gemeenteraad, college en ambtelijk apparaat kunnen hier weloverwogen keuzes worden gemaakt.
  •  Om de grip op gemeenschappelijke regelingen te vergroten, te beginnen binnen de Regio Rivierenland, zou een intergemeentelijke raadswerkgroep wenselijk zijn. Ons college zou hiervoor een voorstel moeten uitwerken wat vervolgens door college en raad wordt uitgedragen naar de zeven andere gemeenten. Hierin zouden de bestaande vier moties van Grip op de GR-en en het initiatief voor raadsrapporteurs meegenomen moeten worden.

Organisatie op orde

  • Onze gemeente moet voor een belangrijk deel op haar eigen benen kunnen staan als het gaat om kennis en kunde. Het inhuren van externen moet zich beperken tot een flexibele schil of tot zeer gespecialiseerde kennis en kunde die ze redelijkerwijs ook niet in huis hoort te hebben. Versterken van de interne organisatie betekent creatief zijn in de arbeidsmarkt waarin onze gemeente financieel niet de beste papieren heeft, maar wel een goed team waarbinnen ontwikkeling mogelijk is en waar medewerkers op een relatief breed en afwisselend terrein bezig kunnen zijn.
  • Onze gemeente moet beleid ontwikkelen om ballast uit het verleden kwijt te raken (indien mogelijk zal ook een onderliggend Omgevingsplan moeten worden aangepast om te voorkomen dat nieuwe, soortgelijke vergunningen opnieuw worden aangevraagd). Met een adequate administratie en goed beleid kunnen slapende vergunningen actief beëindigd worden . Zeker waar inwoners zich ergeren aan verpaupering. Denk daarbij aan vergunningen voor scheepswerven (bijvoorbeeld in de Strang) en aan agrarische bestemmingen op boerderijen waar alleen maar wordt gewoond.
  • Onze gemeente, inclusief VraagWijzer en maatschappelijk werk (Sociom), communiceert duidelijk. Daarbij neemt ze in acht dat communicatie tweerichtingsverkeer is: vertellen en aanhoren. Bij het vertellen is recentelijk de standaard correspondentie verbeterd als het gaat om de begrijpelijkheid (meaning). Op het vlak van impact en belang (significance) is nog veel te doen. Bij aanhoren is sowieso nog het nodige te verbeteren. Zowel bij persoonsgerichte communicatie als bij burgerparticipatie moet er veel meer gestructureerd worden vastgelegd (wie, wanneer, waarover, wat gedaan?). Het is wenselijk dat er tweemaal per jaar een (geanonimiseerde) rapportage wordt gedaan aan onze raad.
  • We willen oud beleid opruimen. Er worden nog beleidsregels toegepast in de uitvoering die niet meer aansluiten bij de wensen en gedachten van de raad. Periodiek moeten beleidsregels tegen het licht worden gehouden en worden getoetst aan de actuele opvattingen van de raad. Een overzichtelijk en goed toegankelijk register zou hierbij zeer behulpzaam zijn.
  • Onze gemeente moet laagdrempelig voor onze inwoners, ondernemers, bestuurders en organisatoren benaderbaar en bereikbaar zijn voor hulp of ondersteuning. Dat wil zeggen dat ze goed luistert en doorpakt op zaken.
  • Onze gemeente geeft bij haar dienstverlening, vraag- en klachtafhandeling gerichte informatie over de verwachte en maximale reactie- en servicetijden. We introduceren hiervoor vast servicenormen voor zowel de reactietijd als het uiteindelijke resultaat, en handelen hier vervolgens ook naar.
  • Onze gemeente moet op zoek gaan naar mogelijkheden om beleid en uitvoering dichter bij elkaar te huisvesten. Hierdoor ontstaat meer kennis en kan beter worden voorzien wat het daadwerkelijk effect van het beleid zelf is en hoe dat uitwerkt in de uitvoerende organisatie.

5 Ondertekening

Door ondertekening van dit Coalitieakkoord is formeel besloten om de komende vier jaar, de voornemens, activiteiten en projecten uit dit akkoord te gaan uitvoeren. Het vormt daarmee ook de basis waarop het college van B&W zijn collegeprogramma 2026-2030 zal schrijven. In dat collegeprogramma worden de voornemens, activiteiten en projecten nader geconcretiseerd o.a. in termen van tijd en geld.

De beoogde vier wethouders voor het college 2026-2030 hebben allen, een integriteitstoets ondergaan en hebben de uitkomsten daarvan met burgemeester Van Neerbos gedeeld. Daarmee is de weg vrij om het nieuwe college van West Maas en Waal formeel te installeren in de gemeenteraadsvergadering van woensdag 2 juli 2026.

Akkoord d.d. 16 juni 2026, namens FD West Maas en Waal: 

  • Dhr. Maarten van Eldijk

Akkoord d.d. 16 juni 2026, namens CDA West Maas en Waal: 

  • Dhr. Wim Jagtenberg