Huidig beleid

In het geldende beleid wordt ingezet op het behouden en versterken van karakteristieke landschapselementen, zoals het orthogonale patroon van de weteringen, sloten, kavels, bomenrijen en wegen zoals de hierboven genoemde boerderijstraten. Verder worden, naast eendenkooien, grienden en beeldbepalende bospercelen, ook de openheid van de komgronden (‘kamers’) en de rivierduin ten westen van Altforst genoemd als cultuurhistorische waarden die behouden en versterkt moeten worden.

Naast landschapselementen moet ook monumentale en karakteristieke bebouwing worden beschermd, zoals monumenten, landhuizen, dijkwoningen, de Korenmolen én de meest waardevolle ruilverkavelingsboerderijen inclusief de karakteristieke groene windsingels rond de erven. In de Rijksvisie ‘Erfgoed en ruimte - kiezen voor karakter’ (2011) is West Maas en Maal aangewezen als één van de dertig wederopbouwgebieden in Nederland. Dit is vervolgens opgenomen in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte als onderdeel van Nationaal belang 10, zijnde: ‘ruimte voor behoud en versterking van (inter)nationale unieke cultuurhistorische en natuurlijke kwaliteiten’.

In 2016 hebben het Rijk en de colleges van burgemeester en wethouders van de dertig wederopbouwgebieden, waaronder ook het college van burgemeester en wethouders van West Maas en Waal, een ‘Intentieverklaring Toonbeelden van de Wederopbouw’ ondertekend. De bedoeling van deze intentieverklaring is dat partijen zich over en weer zullen inspannen om de cultuurhistorische waarden uit de wederopbouwperiode als onderdeel van een ontwikkelingsgerichte bescherming te borgen in ruimtelijk beleid. De betreffende kernkwaliteiten kunnen als inspiratiebron dienen bij ruimtelijke ontwikkelingen als transformatie en revitalisatie. Hierbij is het uitdrukkelijk de bedoeling om in kansen te denken en niet in beperkingen.

Trends en ontwikkelingen

We willen aanhaken op de trend dat cultuurhistorische elementen en de informatie hierover, veel meer dan in het verleden, wordt gebruikt om een bijdrage te leveren aan de ruimtelijke kwaliteit van de plek van een initiatief en zijn omgeving. Bovendien moeten krachtens de Omgevingswet regels worden opgesteld over de omgeving van beschermde monumenten. Erfgoed als de samenhangende ontwikkelingsgeschiedenis van een gebied: bebouwing, erven, wegen, gronden, beplanting. Ook zien wij kansen om de erfgoedzorg te verbinden met bestaande thema’s als recreatie en toerisme en nieuwe opgaven als energietransitie, klimaatadaptatie en het verbeteren van de biodiversiteit.

Ambities en keuzes

Ons beleid is gericht op het behouden en versterken van bestaande cultuurhistorische waarden en te denken in kansen en niet in beperkingen voor dit gebied. We willen dit beleid graag aanvullen voor wat betreft de mate van bescherming van het cultuurhistorisch landschap en de daarbij behorende bebouwing.

Wij willen dat cultuurhistorie wordt gebruikt om een bijdrage te leveren aan de ruimtelijke kwaliteit van de plek van een initiatief en zijn omgeving. Eerder hebben we de bestaande cultuurhistorische waarden in kaart laten brengen door het Gelders Genootschap. Daarnaast willen we aandacht geven aan die karakteristieke elementen, principes, ruimtelijke systemen, patronen en typologieën die voor nieuwe ontwikkelingen relevant kunnen zijn.

Daarbij speelt niet alleen de materiële of fysieke kant van het erfgoed een rol. We kijken vooral naar goede initiatieven die waarde creëren en waarbij cultureel erfgoed integraal is meegenomen in de planontwikkeling. Een dergelijke aanpak zou (op basis van een buitengebied-kwaliteitsplan) verder uitgewerkt kunnen worden in zogenaamde gebiedspaspoorten waarin de kernkwaliteiten voor het buitengebied worden beschreven. Per deelgebied kunnen dan passende keuzes worden gemaakt, zoals het behouden of doorontwikkelen van een eigen gebiedsidentiteit. Naast bepaalde uitgangspunten en voorwaarden, kan erfgoed dan ook worden ingezet als inspiratiebron in dienst van de samenleving.

Deze benadering sluit aan op de resultaten van de verschillende bijeenkomsten en de online-enquête die gehouden zijn in het kader van het opstellen van de omgevingsvisie. Het merendeel van de participanten is van mening dat de cultuurhistorische waarden in de gemeente beter beschermd moeten worden. Zij vinden het momenteel onduidelijk wat deze bescherming exact inhoudt en op welke gebieden dit van toepassing is. Naast bescherming moet er volgens de participanten ook ruimte zijn voor nieuwe ontwikkelingen en moeten er niet te veel eenzijdige beperkingen worden opgelegd.

Heeft u gevonden wat u zocht?